dahlander-motor met gescheiden wikkeling

Hallo iedereen, dit is de eerste keer dat ik op dit forum ben dus het allemaal nog wat onwennig.
Voor school heb ik de opdracht gekregen om de kenplaatjes van 4 motoren op te zoeken met volgende gegevens: poolparen (p), snelheid (n), stroomsterkte(I) en vermogen (P).
Ik moet deze gegevens hebben van 2 Dahlandermotors , deze heb ik gevonden.
Nu zoek ik nog de gegevens van motoren met gescheiden wikkeling, hoe weet ik of het gescheiden wikkeling is en waar zoek ik die.
Ik heb al 3 uur rondgegoogeld maar vind geen antwoord.
Bedoeling van de taak is het verband te zoeken tussen deze vier gegevens.
Kunnen jullie mij gegevens van op een kenplaat bezorgen.
Alvast bedankt
Niels

Het verschil tussen een dahlander en gescheiden wikkelingen is de verhouding van de toerentallen, dat is wat ik nog weet van mijn schooljaren. Bij de ene is het bijvoorbeeld 500/1000 terwijl bij de andere het 250/1000 of 750/1000 is.

Edit: ook al ben ik geen fan van wikipedia, misschien kan je hier eens kijken? Info over dahlanders. Dan weet je direct welke de verhouding 1/2 heeft.

[Bericht gewijzigd door Espiration op 3 april 2014 15:39:07 (32%)]

Bedankt, nu nog weten waar ik kenplaatjes kan vinden

Op 3 april 2014 15:35:06 schreef Espiration:
Het verschil tussen een dahlander en gescheiden wikkelingen is de verhouding van de toerentallen, dat is wat ik nog weet van mijn schooljaren. Bij de ene is het bijvoorbeeld 500/1000 terwijl bij de andere het 250/1000 of 750/1000 is.

Edit: ook al ben ik geen fan van wikipedia, misschien kan je hier eens kijken? Info over dahlanders. Dan weet je direct welke de verhouding 1/2 heeft.

In principe niet geheel correct. Een Dahlander heeft altijd een toeren verhouding van 1 op 2. Een motor met gescheiden wikkeling kan allerlei verhoudingen hebben al naar gelang gewikkeld, dus in principe ook 1 op2 :)

Wat Lefert levert, levert anders geen mens.

Moeten het daadwerkelijk kenplaatjes zijn, of heb je voldoende aan motordata? Heb je hier al eens gekeken?

Op blz 6 van de pdf staan voor verschillende vermogens de motorgegevens voor de twee meest voorkomende dahlandertypes, namelijk driehoek/dubbelster en ster/dubbelster (Y/YY). Er staat ook uitdrukkelijk bij dat het laatstgenoemde type voor ventilatortoepassingen is.

En op blz 9 staan motorgegevens van motoren met gescheiden wikkelingen.

Tradities en regels zijn er om te breken. Orde niet.

@DE OLDE: Mij werd altijd verteld dat er geen verschil in bouwtype is, gewoon in naam (de verhouding bepaalt de naam). Maarja dat is slechts wat ik ergens vaag herinner. Als je een bron ergens hebt geef ik je volledig gelijk. (natuurlijk kan ik nu ook volledig fout zitten, ben al van 8u 's morgens aan het werk en mijn brein is stilaan aan het smelten :) )

Aan de post hieronder: Ik heb te hard gelachen met het feit dat dit juist op reclame lijkt. Had je nu nog een offerte erbij gestoken dan had ik me werkelijk ziek gelachen :)

[Bericht gewijzigd door Espiration op 3 april 2014 17:32:51 (20%)]

Er bestaan ook Pool Amplitude Modulatie wikkelingen, (PAM-wikkelingen) die worden elektrisch op dezelfde manier aangesloten als een Dahlander wikkeling, maar de toerental verhouding is verschillend van 1 op 2.
Deze worden wel eens gebruikt met een toerental verhouding 1500 / 1000 T/min.

Het betreft geen motor met gescheiden wikkelingen, want elke motorspoel wordt gebruikt zowel bij het hoog als het laag toerental.

Het betreft ook geen Dahlander wikkeling want de stroom in slechts een deel van de wikkelingen wordt omgekeerd om een andere pooltal te bekomen. De elektrische aansluiting is echter ook D/YY.

Tenslotte kan je ook nog een Dahlander motor maken met een toerental verhouding 1 op 4.

Al hoewel ik er eerlijkheidshalve bij moet vertellen dat bovenstaande exotische wikkelingen niet vaak voorkomend zijn.

@Espiration: Veel beterschap gewenst.

Tradities en regels zijn er om te breken. Orde niet.

Een Dahlander heeft altijd een toerentalverhouding van 1:2.
Een gescheiden wikkeling kan willekeurige toerentalverhoudingen hebben, maar ook 1:2.

Het is een schoolvraag:
Dus een tipje,
Let eens op het aantal aansluitschroeven/klemmen van deze motoren.

Daar waar een schakeling rookt, vloeit de meeste stroom (1e hoofdwet van Toeternietoe)

Beste Sparkz, die site met motorgegevens was dus wat ik nodig had! bedankt!!
Ik zoek nu nog het verband tussen polenparen, toerental, vermogen en stroomsterkte!
Ik denk hoe meer polenparen, hoe lager het toerental, dat is vrij duidelijk, bij dahlander is de verhouding 1/2 , bij gescheiden wikkeling willekeurig (1/3,1/2,...)
Het verband tussen de andere denk ik : het wil niet zeggen dat omdat het toerental hoger ligt de motor ook meer vermogen levert. Als het toerental hoger wordt blijft het vermogen ongeveer gelijk maar vermindert het aantal polen.

Denken jullie dat dit de verbanden zijn tussen de 4 elementen of zie ik nog iets over het hoofd? De link met stroomsterkte ontgaat me nog!!
Wat ik wel zie is dat het vermogen steeds ongeveer 1/3 van de stroomsterkte bedraagt ongeacht het toerental of het aantal poolparen.
Correct ?
Wat ik ook weet is dat je de formule P= U*I*vierkantswortel 3 * cos fi kan gebruiken , en ik zie dat de cos fi steeds gegeven is bij de tabellen van de fabrikant.
Help bij dit laatste stukje!!

[Bericht gewijzigd door elsniels op 6 april 2014 13:23:17 (10%)]

Bij de overgrote meerderheid van de dahlandermotoren is de verhouding tussen de twee toerentallen idd 1:2 (zie de post van pamwikkeling voor de uitzonderingen). De verbindingen die op het klemmenbord al dan niet gelegd worden, bepalen hoeveel polenparen er gevormd worden, waardoor de motor de hoge dan wel de lage snelheid kiest (google ook eens "schakelboekje").

Bij motoren met gescheiden wikkelingen zitten er effectief twee volledig van elkaar geïsoleerde wikkelingen in één motorbehuizing. De motorfabrikant is dan tijdens het bouwen volledig vrij om de toerentallen te kiezen: Er hoeft geen enkel verband tussen de twee wikkelingen te zijn.

Normaal gezien ken je volgende formule al: n = f * 60 / pp
Dan begrijp je dat het toerental altijd omgekeerd evenredig is met het aantal polenparen.

Het vermogen blijft niet gelijk: Hoe hoger het toerental, hoe hoger het vermogen.
Vermogen is dan ook toerentalafhankelijk, want P = T * hoeksnelheid.
Het motorkoppel blijft wel ongeveer gelijk, uitgezonderd bij motoren die specifiek voor ventilator- of mixertoepassingen gebouwd werden.

Het vermogen dat op een motorkenplaatje vermeld staat, is het mechanische vermogen dat de motor kan leveren. Hoeveel de motor dan aan elektrisch vermogen opneemt, kan je berekenen door alle elektrische variabelen die naast het mechanische vermogen vermeld staan, in jouw formule te gooien.

Tradities en regels zijn er om te breken. Orde niet.

Ik heb nog een vraagje: tot welk vermogen mogen kooimotoren rechtstreeks aanlopen?
Zelf denk ik dat directe aanloop enkel wordt toegepast voor motoren met klein vermogen ;minder dan 3.5 kW.

[Bericht gewijzigd door elsniels op 17 april 2014 19:05:47 (40%)]

Op 17 april 2014 18:49:22 schreef elsniels:
Ik heb nog een vraagje: tot welk vermogen mogen kooimotoren rechtstreeks aanlopen?
Zelf denk ik dat directe aanloop enkel wordt toegepast voor motoren met klein vermogen ;minder dan 3.5 kW.

Kunnen, of mogen.
Kunnen: Je kan elke motor direkt inschakelen. Hou rekening met de aanloopstromen. Bij direkte inschakeling heb je (vooral bij grotere motoren) een grotere zekering nodig. Daarbij hoort ook een dikke kabel. Met aanzetinrichting kan de zekering kleiner en kunnen de kabels dunner, dit kan wel eens goedkoper zijn.
Mogen:
In het algemeen staan in de aansluitvoorwaarden van de netbeheerder dat motoren boven de 2,5 kW aan moeten lopen met een aanzetinrichting.
Dit kan op verschillende manieren, met eem ster driehoek schakelaar, softstarter, frekwentieomvormer of onbelast aanlopen.

Daar waar een schakeling rookt, vloeit de meeste stroom (1e hoofdwet van Toeternietoe)