Geluidsterkte speakers

Een speaker heeft een impedantie van b.v. 4 of 8 ohm (andere waarden komen ook nog voor) als je die gaat meten met een weerstands meting is die inderdaad geen 4 of 8 ohm maar lager.

Op 11 februari 2017 18:16:18 schreef buzzy:
[...]Met de grafiek toon je maar weer eens aan dat je er geen bal van begrijpt. De blauwe blokgolf krijgt bij clip dezelfde amplitude als de sinus. De lengte van de blokgolftop benadert bij forse clip 10msec. Vergelijk de oppervvlakte daarvan eens met die van de sinus en je ziet dat er veel meer vermogen geleverd wordt.

bij die laatste grafiek spreek ik niet over clippen. ik BIED dat blauwe signaal aan op de speaker, en ik bied die sinus aan op die speaker.

Dratsabylgu beweert dat die blauwe blokgolf veel schadelijker is, omdat die een deel 'niet veranderende spanning heeft en die sinus niet.
ik spreek hier niet over clippen nu, maar over die 2 signalen.
als ik het 'vermogen' bekijk dat verbruikt wordt, zit er meer vermogen in die sinus dan in die blokgolf.
zie het als een sinus tot 100W piek en een blokgolf tot 75W piek. dan zou een 100W speaker de sinus perfect afspelen, maar zou die 75W blokgolf de boel slopen. dit zou dan evengoed een 75W versterker zijn die aan het clippen is.

ik heb dus ook ff een speaker gemeten, en mijn 4ohm speaker heeft 3,9ohm DC weerstand. zo goed als verwaarloosbaar verschil dus

ik hou van werken ..., ik kan er uren naar kijken

De luidsprekerimpedantie is voor het overgrote gedeelte de draadweerstand van de spreekspoel.
Bij wisselspanning is het reële gedeelte van de impedantie een heel klein beetje hoger dan de gelijkstroomweerstand. Dat komt doordat een heel klein gedeelte van het toegevoerde vermogen in geluid wordt omgezet.
We noemen dat het 'rendement'. Maar dat is maar een paar procent hooguit; niet de moeite waard om rekening mee te houden als je de dissipatie berekent.

Keramisch, kalibratie, parasitair: woordenlijst.org

ik heb dus ook ff een speaker gemeten, en mijn 4ohm speaker heeft 3,9ohm DC weerstand. zo goed als verwaarloosbaar verschil dus

Dat is niet zo'n beste dan. Hoe meer DC weerstand hoe meer vermogen wordt omgezet in warmte. In principe zou je voor het beste rendement een DC weerstand van nul Ohm willen, maar om allerlei reden kan dat niet en is soms ook niet gewenst. Een DC weerstand van ca 3 ohm was beter geweest. Het zou zo maar kunnen dat de geluidsdruk van de luidspreker niet boven 90dB/1m/1Watt komt. Typisch een HiFi ding.

Op 11 februari 2017 18:16:18 schreef buzzy:
Voor de luidspreker komt daar nog bij, dat de conus de snelle wisseling gewoon niet kan volgen en dus simpelweg van de spreekspoel scheurt.

Ik denk dat je hier mis zit. Normaal gesproken heb je altijd een wisselfilter (een monobander laten we maar even buiten beschouwing). Dat filter zorgt ervoor dat die steile flanken niet bij de woofer aankomen. Die component gaat vooral naar de tweeter, die de snele verandering juist prima kan volgen.

"We cannot solve our problems with the same thinking we used when we created them" - Albert Einstein

Een Blokgolf heeft hetzelfde elektrische vermogen als een DC spanning, maar er is geen DC component. Kijken naar een korte tijdslijn hiervan is zinloos. Dan is elke sinus vormig signaal DC op een bepaalt punt.

Een speaker heeft een grote DC weerstand, meestal een ohm minder dan de impedantie ervan.

Hier een 4 ohm woofer geeft 3,6 ohm en een 8 ohm tweeter geeft 6,8 ohm.

Clippen geeft meer vermogen dan een sinus, maar een clippend signaal is nooit een volledige blokgolf, de toppen worden wat af gevlakt. Niemand gaat naar een blokgolf luisteren, of naar 1 sinus frequentie.

Dat is de crest factor van 6dB bij gemiddelde muziek vandaag de dag.

Een blokgolf sturen naar een speaker binnen zijn vermogen geeft geen enkel probleem.

In de praktijk gaan tweeters stuk bij clippen door compressie, het laag loopt tegen de voedingspanning op terwijl het hoog nog lang niet aan de maximale spanning zit.

De tweeter krijgen dus een sinus signaal alleen veel te veel en branden door.

De meesten hier snappen exact hoe het in elkaar steekt. Anderen zijn maar moeizaam te overtuigen van een wetenschappelijke insteek die de mythes van tafel vegen.........

Meet voor de gein eens met een meetmicrofoon wat een woofer doet bij een blokgolf. Van die blokgolf blijft niets over! Dat kan zo'n ding helemaal niet weergeven! De versterker heeft een DC-ontkoppeling en ultrsone filtering, er is draadweerstand, zelfinductie, massatraagheid, demping, en nog een paar effecten waardoor die blokgolf totaal onherkenbaar wordt, en de konus staat dus echt gewoon geen microseconde stil. Ook knalt hij niet in 0 seconden naar het andere uiterste; dat ding heeft massa. Maar goed, ik hou erover op, denk ik.

Luidspreker rendement is maar heel weinig afhankelijk van de impedantie of koperweerstand.

Een paar knappe koppen hebben dat ooit zo gedefinieerd: η0 = 9.64 · 10-10 · Fs3 · Vas / Qes

Rendement wordt dus in hoge mate (een derde macht!) bepaald door de resonantiefrequentie van het chassis. In mindere mate door de compliantie en de elektrische Q-factor, en in die Q komt pas de impedantie een beetje om de hoek kijken.

[Bericht gewijzigd door Fuzzbass op 12 februari 2017 02:10:52 (31%)]

Mijn echte naam: Joris | Mijn elektronica website: Fuzzcraft.com

Op 12 februari 2017 00:27:52 schreef nijhuisr:
Een Blokgolf heeft hetzelfde elektrische vermogen als een DC spanning, maar er is geen DC component. Kijken naar een korte tijdslijn hiervan is zinloos. Dan is elke sinus vormig signaal DC op een bepaalt punt.

Volgens mij was dat ook niet wat <wie-ook-weer> duidelijk wilde maken. Een clippende sinus wordt een blokgolf van dezelfde amplitude, maar heeft het vermogen van een DC spanning die even hoog is als die top. En dat is veel meer vermogen dan de sinus.

"We cannot solve our problems with the same thinking we used when we created them" - Albert Einstein

ja, maar er werd dan ook beweerd dat een blokgolf van minder vermogen schadelijker was dan een hoger vermogen sinus.

bv een versterker van 75W die aan het clippen is tov een versterker van 100W met sinus.
als je dan een 100W speaker zou gebruiken, zou die op 100W sinus blijven leven en op 75W geclipte sinus doorbranden.
en dat klopt niet

we gaan nu bovenstaande eens uitrekenen.
voor 100W piek bij een sinus van 20Vtop zou door een weerstand van 4ohm een piekstroom van 5A lopen.
dit geeft een gemiddeld vermogen van:
Pgem = (Upiek/V2) * (Ipiek/V2) = 49,99watt

een versterker die 75W piek sinus levert, doet dat met 17,3Vtop door een weerstand van 4ohm en hierbij 4,33A leveren.
het gemiddeld vermogen is daar dan 37,4W.
zou deze een ZUIVERE blokgolf leveren van 17,3V dan levert die 75W gemiddeld vermogen in de speaker. het dubbele dus
een sinus die geclipped wordt, is niet een blokgolf, maar een afgeplatte sinus. er zal dus ergens tussen de 37 en 75W in zitten. zowieso zal die 100W speaker niet sneuvelen.

wel gaat de tweeter eraan. en dat zie je bij veel schoolfeestjes. je hoort daar 2 dingen:
- een tweeter die niks doet
- een tweeter die kraakt bij sterke bassen.
allebei een gevolg van een clippende versterker, omdat ze te weinig vermogen hadden om in open lucht genoeg kabaal te kunnen maken

[Bericht gewijzigd door fcapri op 12 februari 2017 12:34:06 (18%)]

ik hou van werken ..., ik kan er uren naar kijken

Ik denk dat we allemaal een beetje (on)gelijk hebben. Iedereen bekijkt het vanuit zijn eigen gebruikssituatie, ervaring en opleiding.
Over luidsprekers en wat daarbij komt zijn al vele verhandelingen geschreven en vele zullen er nog volgen.
Intussen ben ik blij dat ik gewoon nog van muziek kan genieten dankzij een luidspreker. Vaak geeft de herkenning van muziek al veel vreugde.
Ik wens ieder veel plezier in muziekland.