Lucky Luke
Eluke.nl | handgetypt | I'm a poor, lonesome cowboy, with a long, long way to go.
De hier welbekende Jos Verstraten heeft een blogpost-artikel over een snel pulsgeneratortje waarmee de bandbreedte van een oscilloscoop gecontroleerd kan worden door de stijgtijd te meten. (Ook bijvoorbeeld een oscilloscope-probe kan zo gecontroleerd worden)
Bandbreedte (MHz) = 350 / stijgtijd (ns)
Waar komt die formule vandaan? Het lijkt op f=1/t maar vanwaar het magische getal van 350?
Verderop in die blogpost een stukje hoe 2 stijgtijden opgeteld moeten worden:
stijgtijdgenerator = √ [(stijgtijdgemeten)² - (stijgtijdoscilloscoop)²]
Waarom is dat niet gewoon een som, vanwaar die ‘wortel uit de som der kwadraten’? Zijn het vectoren?
Het lijkt mij een handige methode de bandbreedte van mijn (nog in aanbouw zijnde nieuwe) differentiële probe te bepalen / conteroleren of wat de simulator zegt een beetje op de werkelijkheid lijkt. Maar dan wil ik wel de methode snappen.
Puur het trucje uitvoeren zou zijn de gemeten stijdtijd van de probe te verminderen met die van de ‘scope, zoals Jos Verstraten met zijn Philips functiegenerator doet, en dan 350/dat getal. Maar ik wil het trucje niet alleen toepassen maar ook ‘begrijpen’.
Heeft dit trucje een naam waarmee ik het handig kan terugvinden? In een Boek ofzo?
Is dit bijvoorbeeld de ‘wet van Fred’ (ipv Ohm) ofzo?
Het heeft iets van doen met risetime, slew rate en bandbreedte, maar daarmee vind ik het niet terug.
(Nuja, in the analog engineer pocket reference iets over het berekenen van risetime uit frequentie. Dat is dezelfde formule, maar dan herhusselt om t=0,35/f te zijn met naar ik aanneem secondes en Herz, maar dan wordt de vraag dus waar die magische 0,35 vandaan komt)
Edit:
Hum. Voor 1 hele golf moet een signaal zowel stijgen als dalen. Je meet alleen de stijgtijd. Zou het daar iets mee van doen hebben?
nonius
set SCE to AUX.
Dat getal (350) is ook afhankelijk van het soort oscilloscoop: ouderwets analoog, of een digitale scope. Als ik me goed herinner was het 300 voor een analoge scope, en 350 voor een digitale? Pin me er niet op vast, is lang geleden dat ik me erin verdiept heb. In elk geval, de exacte waarde van de constante hangt af van het soort oscilloscoop.
Waar de getallen precies vandaan komen weet ik ook niet.
Zie ook AN47 van LT, met veel info over het onderwerp (o.a. appendix D)
https://www.analog.com/media/en/technical-documentation/application-no…
EDIT: ook interressant: https://www.tek.com/en/support/faqs/how-bandwidth-related-rise-time-os…
en https://ohmslaw.eu/bandwidth_rise_time/0.35_100MHz_ns
Blijkbaar is het voor moderne digitale scopes dus zelfs eerder 450.... volgens mij komt er een hoop hogere wiskunde bij kijken om die constante te bepalen....
In foto hieronder één van mijn ps-pulsgenerators.
voor een analoge scoop.. je kan het wiskundig bepalen, moet je goed all parameters vastleggen. (bvb stijgtijd is normaal van 10% tot 90%, maar is dat voldoende?)
beetje inzichtmatig, empirisch kan ook. met één keer de stijgtijd kan je één opgaande flank van de sinus schrijven. Je hebt er dus minstens twee nodig. maar dan ga je maar tot 90% en de sinus "mist" mogelijke snelheid door verlies op de toppen (dit tov de zaagtand). Zo is men het er al decades het over eens dat +- 3,5 keer de stijgtijd nodig hebt om één sinus keurig te schrijven.
Je kan die 3,5 dan gebruiken in een formule die stijgtijd direct omzet in MHz, dat wordt dan 350..
Op maandag 16 december 2024 14:01:09 schreef nonius:
Dat getal (350) is ook afhankelijk van het soort oscilloscoop: ouderwets analoog, of een digitale scope. Als ik me goed herinner was het 300 voor een analoge scope, en 350 voor een digitale? Pin me er niet op vast, is lang geleden dat ik me erin verdiept heb. In elk geval, de exacte waarde van de constante hangt af van het soort oscilloscoop.
voor een digitale scoop: Nyquist. door het LPF voor de D/A zit je steeds wat lager dan het theoretisch haalbare, en om amplitudevervorming te voorkomen blijf je er best een stuk onder.
Op maandag 16 december 2024 13:55:48 schreef Lucky Luke:
[...]
Waarom is dat niet gewoon een som, vanwaar die ‘wortel uit de som der kwadraten’? Zijn het vectoren??
Je kan stijgtijden niet zomaar optellen, de traagste heeft de overhand waar de snelle niks meer heeft aan toe te voegen, vandaar het ruimtelijk gemiddelde.
Op maandag 16 december 2024 13:55:48 schreef Lucky Luke:
Hum. Voor 1 hele golf moet een signaal zowel stijgen als dalen. Je meet alleen de stijgtijd. Zou het daar iets mee van doen hebben?
tuurlijk 
Stel dat je input stepsignaal door 2 apparaten achter elkaar moet, elk met eigen stijgtijd t1 resp. t2. Vergeet even vertragingen door apparaten en kabels.
Denk je de uitgang van het eerste apparaat (met stijgtijd t1) in als een signaal dat in de tijd cumulatief opgebouwd wordt uit kleine stapjes achter elkaar. Ieder klein stepsignaalte gaat door het tweede apparaat (met stijgtijd t2). De kleine uitgangssignaaltes starten *na* elkaar en hun bijdragen aan het eindsignaal kunnen worden opgeteld. Ze worden dus niet alleen achter elkaar gezet, maar elk is ook uitgesmeerd door het tweede apparaat.
Teken eens een aantal identieke stijgende functies die in de tijd t.o.v. elkaar verschoven zijn en teken dan eens hun som, dan zie je dat de "totale" stijgtijd minder is dan de som.
Wiskundig gezien heb je het begrip "convoluties" nodig en steprepons en impulsrespons. De factor 0.34 komt tevoorschijn als de impulsrespons Gaussisch is. Voor een RC-filter is het die 0.35 (zie FET hieronder).
Op maandag 16 december 2024 13:55:48 schreef Lucky Luke:
Bandbreedte (MHz) = 350 / stijgtijd (ns)
Waar komt die formule vandaan? Het lijkt op f=1/t maar vanwaar het magische getal van 350?
Door MHz en ns te gebruiken wordt het een magische 350.
Gemakkelijker is het gewoon te onthouden dat BW * TR = 0,35.
Het getal komt van de definities: de bandbreedte definiëren we als de frequentie waarbij de versterking met een factor √2 verminderd is, en de stijgtijd definiëren we als de tijd tussen 0,1 en 0,9 maal de eindwaarde.
Met andere definities zou je een ander getal krijgen.
Verder geldt de formule ALLEEN voor (wat zich gedraagt als) een enkelvoudig RC-laagdoorlaatfilter.
De scoop, of welk systeem dan ook, wordt dan dus voor het gemak opgevat als één enkel RC-lid.
--
We kunnen de formule voor een RC-lid zelf bepalen:
Eerst de bandbreedte: A= 1/√ (1 + 2πf R C)2)
Voor f3dB is A = 1/√2, zodat BW (=f3dB) = 1/(2π RC)
Nu de stijgtijd: TR = t0,9 − t0,1. Met U/Ueind = 1 − e−t/(RC) krijgen we:
t0,9 = RC ln(10) en t0,1 = RC ln(10/9).
TR = t0,9 − t0,1 = RC ln (10 × 9/10) = RC ln(9) = 2 RC ln(3).
Tenslotte het product:
BW*TR = 1/(2π RC) × 2 RC ln(3) = ln(3)/π ≈ 0,350.
--
De 'wortel van de kwadratensom'-formule voor achterelkaar geschakelde stijgtijden is helemaal niet precies; de werkelijke totale TR is groter. Maar omdat dit soort getallen zelf toch ook al niet erg nauwkeurig zijn, maakt de afwijking niet zoveel uit.
Lucky Luke
Eluke.nl | handgetypt | I'm a poor, lonesome cowboy, with a long, long way to go.
Dank je, FeT. Dat verklaart waar die 0,35 vandaan komt. Ik ben er eens voor gaan zitten omdat ik ook de tussenstappen ook wil snappen. (Dat je ze weglaat begrijp ik, dat houd het compact en iedereen met genoeg wiskundeknobbel komt er wel uit. Ik wordt geacht die knobbel te hebben, maar... het valt me tegen en ik werk daar nog aan)
(Groen origineel, blauw mijn geklieder, rood commentaar, rood-en-zwart in laatste stap omdat ik nu een vierkleurenpen heb en me een beetje uitleef
)
Op maandag 16 december 2024 14:01:09 schreef nonius:
In elk geval, de exacte waarde van de constante hangt af van het soort oscilloscoop.
Nuja, een oscilloscope is geen RC-combinatie natuurlijk.
Wel, je hebt je goed geweerd! Chapeau.
En het is een opluchting voor mij dat je er hetzelfde uit krijgt.. 
electron920
Everything should be as simple as possible, but not simpler.
Ha Lucky Luke,
Altijd grappig zo'n probleem stelling ter aanvulling bij een moderne scope ligt de zaak iets anders de,
digitale scope die ik gebruikt is ≈ 0,46 dus 460.
De skirt loopt dan ook iets anders dan een Bessel functie door digitaal filter ga je steeds meer richting een Brick wall filter.
Ik denk dat de opmerking van @nonius wel correct is, de transmissie van ingang naar scopebuis is een laagdoorlaat....
Alleen om dit te schrijven als een 1 pole RC combinatie nee dat is zeker niet correct daarom is het een op een overnemen van,
stijgtijd naar bandbreedte in de praktijk niet goed genoeg.
En let op die laatste 10% doen zeker mee in de beschrijving van je systeem, de reden van 10 % tot 90 % is dan ook,
alleen ontstaan door het niet eens worden van de zuivere beschrijving (consensus).
In die eerste en laatste 10 % vindt undershoot / overshoot plaats en men kon het niet eens worden hoe dit te duiden m.b.t. de stijgtijd...
Groet,
Henk.
Lucky Luke
Eluke.nl | handgetypt | I'm a poor, lonesome cowboy, with a long, long way to go.
Het is meer een opluchting voor mij dat ik er hetzelfde uit krijg
Ik zat met die -t in mijn maag, tot het in de stap erna goed bleek te komen. ik kan slecht tegen negatievetijd 
Het volgende is natuurlijk om het praktisch toe te passen om daadwerkelijk de bandbreedte van mijn nieuwe diffprobe te bepalen. Maar, volgens mij is de stijgtijd van de ingangspuls nogal van belang.
Met een puls met een stijgtijd van 15 ns uit mijn DGE1030 functiegenerator*, meet ik op mijn DS1102E oscillopscope een stijgtijd van 26,4 ns op kanaal 1.
De differentiele probe krijgt diezelfde puls aan zijn ingang, en aan de uitgang ervan verschijnt dan een puls met een stijgtijd van 20,0 ns (kanaal 2). (huh! dat is sneller!)
(De functiegenerator zit op de oscilloscope aangesloten en met een T-stuk gaat het signaal verder naar de diffprobe. Het is nergens getermineerd, wat ook al fout is)
Volgens mij kan ik hiermee niet de bandbreedte van mijn probe correct bepalen.
(Misschien moet ik toch maar zo'n snelle pulser bouwen die een torretje laat doorslaan...)
*) mijn IEC F-36 maakt pulsen met een risetime van ongeveer 50 ns. Specificatie zegt <60 ns, dus dat is oke. DGE1030 claimt <20 ns en is instelbaar tot minimaal 15 ns in de puls-generator mode.
electron920
Everything should be as simple as possible, but not simpler.
Ha Lucky Luke,
Ik zie alleen een vertraging kan je de twee plaatjes niet over elkaar leggen knippen en plakken ?
Als je met de functie generator een frequentie bandje kan tunen of nog mooier kan sweepen zie je de bandbreedte in een oog opslag.
Je ziet dan ook het niet lineaire verloop in amplitude karakteristiek.
De stijg tijd zou je willen meten met een mono puls, inderdaad een avalanche momentum creëren door achter je puls generator,
een uitkoppel C en een diode naar massa te schakelen.
Groet,
Henk.
Op woensdag 18 december 2024 21:32:00 schreef Lucky Luke:
De differentiele probe krijgt diezelfde puls aan zijn ingang, en aan de uitgang ervan verschijnt dan een puls met een stijgtijd van 20,0 ns (kanaal 2). (huh! dat is sneller!)
dat kan, als de probe de hogere frequenties bevoordeeld, door bvb een speed up condensatortje.
maar, het kan bvb ook aan oversturing liggen van de probe.
nonius
set SCE to AUX.
De stijg tijd zou je willen meten met een mono puls, inderdaad een avalanche momentum creëren door achter je puls generator, een uitkoppel C en een diode naar massa te schakelen.
Er zijn meer manieren om zo'n monopuls te maken. In de eerdere foto (van de TDR pulsgenerator) heb ik gebruik gemaakt van een oud ontwerp uit Electron, zie pdf in bijlage. Is een wat slomere puls, maar werkt voor veel dingen ook prima. De stijgtijd zou instelbaar moeten zijn van 0 (?!) tot 40 ns. Ik gebruik hem vooral voor TDR-metingen.
De andere, snellere pulsgenerator is op basis van het avalanche-effect. In tegenstelling tot Fred101 heb ik de mijne niet op een printje, maar volledig zwevend opgebouwd op een SMA-connector met kort stukje semi-rigid (geen printplaat want ik ben lui; bovendien lijkt het me qua HF-gedrag ook beter om het zo compact mogelijk zwevend op te bouwen). De gebruikte transistor was een geselecteerde 2N2369. Er zit ook een klein invertertje ingebouwd (in epoxy ingegoten) om de 3V te converteren naar een voldoende hoge spanning (150Vdc, uit m'n hoofd; niet op basis van die LT1073 maar een eigen brouwsel).
electron920
Everything should be as simple as possible, but not simpler.
Ha nonius,
Dat is een gemakkelijke en zeer efficiënte manier niets mis mee 
Ik gebruik een iets andere transistor gaat iets hoger in frequentie maar wel een avalanche type,
dat is uiteraard wel belangrijk, voor de goede werking kan je niet elke transistor gebruiken.
Dat wil zeggen elke halfgeleider heeft een avalanche moment maar dan is het niet gedefinieerd een transistor die er voor gemaakt is,
heeft een N.N.P.N. opbouw.
En een halfgeleider die ruis genereerd heeft een P.P.N.P opbouw...
De 2N2369 is zo'n typisch opgebouwde transistor.
Als je puls niet snel genoeg is kan je geen korte looptijden (print baantje) meten je gereflecteerde puls valt binnen je stijgende flank,
schakel er een meter of 10 goede kabel voor 
Maar je kunt ook een puls maken met een reed realis en een Blumline stijgtijd < 400ps.
Ik zelf werk met een NLTL opgebouwd uit een stripline en step recovery diodes stijgtijd < 5ps.
Groet,
Henk
nonius
set SCE to AUX.
Ik zelf werk met een NLTL opgebouwd uit een stripline en step recovery diodes stijgtijd < 5ps.
(NLTL = non-linear transmission line)
Wow.... <5ps. Da's best wel snel. In die tijd legt licht een afstand van 1.5mm af....
Mag je dat omrekenen met de vergelijking BW = 0.35/Trise? BW = 0.35/5*10^-12 = 70 GHz?
Een commerciëel apparaat, of zelfbouw? Indien dat laatste zou ik er best wat meer over willen weten (schema, foto, opbouw....)
(Blumlein pulse generator was nieuw voor mij, net even vlug gezocht op het internet. Moet ik me dit weekend toch eens wat in gaan verdiepen, interressante materie!)
Jim Williams bouwde er ook een zie https://www.circuitsonline.net/forum/view/110003#highlight=generator+p…
Die doet 200 pico seconde
[Bericht gewijzigd door RAAF12 op (12%)]
electron920
Everything should be as simple as possible, but not simpler.
Ha nonius,
Het omrekenen is iets complexer het is namelijk niet een 1e order systeem dus 1 pole.
Daarbij komt dat zo'n NLTL bestaat uit meerdere secties elke keer lang de lijn is er een break down.....
Nee die zijn klein 54 nm dat kan je zelf niet maken ik heb die gekocht van Picosecond uit het hoofd $4,200.- maar,
een simpele kan je wel maken dat heb ik dan ook gedaan.
Nabouwen kan maar hoe meet je het heb je een time analyzer of een snelle scope ?
Met een Blumline is een hoge spanning een must ik gebruik 25 kV deze is niet moeilijk te bouwen alleen de materialen moet,
wel voldoen voor de hoge spanning...
Groet,
Henk.
Lucky Luke
Eluke.nl | handgetypt | I'm a poor, lonesome cowboy, with a long, long way to go.
Ik heb ook zo’n pulsgeneratortje in elkaar geprutst. Ik voed ‘m uit m’n Delta E300-0.1
Met een paar dingen geen rekening gehouden:
* de voedingsspanning mag dan zo’n 200 V zijn, aan de uitgang blijft slechts 50/1M050-ste deel daarvan over. In theorie dus zo’n 10 mVpp. Ik meet echter uitgangspulsen van iets van 600* mVpp !? (Ze variëren ook nogal, onderling)
* mijn scope-probe heeft een lang aarddraadje.
* een bc547 is misschien niet snel genoeg (en heb ik vooral vanwege de vrij lage max. Vce gebruikt). Misschien had ik ‘m in een voetje moeten zetten, kan ik wisselen…
Ik meet een risetime van zo’n 6 ns, maar het is geen mooie nette puls.
Schema. Ik gebruik 4x22pf in serie omdat ik de max. Spanning van die c-tjes niet ken en inschatgok op 50V. Ik heb 47R als uitgangsweerstand omdat ik die in 1206 heb en 49.9 alleen in 0805
(Maar als ik het netter wil doen zou ik een heel netwerkje moeten maken)
En natuurlijk de boven en onderkant:
EDIT:
Op vrijdag 20 december 2024 18:53:57 schreef nonius:
[...]Dat zou gelden als de transistor continu geleidt, dus voor DC.
Ja, dus dat het lager wordt kan ik me voorstellen, maar hoger? Goed, er zal een klein beetje inductie in de "printspoortjes" zitten, maar ik vond het verrassend.
Ik heb me ook nog niet erg ingelezen in deze schakeling. Gewoon even wat aan elkaar gesoldeerd bij wijze van experiment. Heb het ook nog niet gezien met een diode, laat je die dan in reverse doorslaan?
(En wat electron920 eerder schreef over een uitkoppelC en diode naar massa achter een functiegenerator - is daar meer leesvoer van of een appnote ergens? Want die truc ken ik ook nog niet)
(Als edit, want ik moetwil even op een fitter moment naar de rest kijken)
[Bericht gewijzigd door Lucky Luke op (28%)]
electron920
Everything should be as simple as possible, but not simpler.
Ha Lucky Luke,
Goed bezig de BC547 is geen avalanche transistor probeer een ZTX145 of een 2N2369 of een 2N2309 ik gebruik speciale maar daar kom je bijna niet aan....
Maar een diode is prima (beter) gebruik een varactor iets waar een niet lineaire capaciteit in zit,
of een paar MOS-FET's.
Maar jou transistor doet het ook wel alleen niet gedefinieerd dus de een keer hier en de andere keer daar 
Het is net als met een varactor, bij een signaaldiode veranderd de capaciteit ook maar met een grote hysterese dat is niet wenselijk.
Hang eens een stukje coax kabel aan de emitter open dan gaat het een stuk beter....
Groet,
Henk.
nonius
set SCE to AUX.
* de voedingsspanning mag dan zo’n 200 V zijn, aan de uitgang blijft slechts 50/1M050-ste deel daarvan over. In theorie dus zo’n 10 mVpp. Ik meet echter uitgangspulsen van iets van 600 mVpp !? (Ze variëren ook nogal, onderling)
Dat zou gelden als de transistor continu geleidt, dus voor DC.
Maar volgens mij wordt de 2-4pF condensator via de 1M weerstand opgeladen tot de breakdown-voltage van de tor, en ontlaadt zich dan volledig in één keer over de 50R weerstand (eigenlijk dus een relaxatie-oscillator?). De 2N2369 zou moeten doorslaan bij 40V (zie AN-47), dus ik zou ook dergelijke pieken verwachten. In AN-47 schrijven ze trouwens dat de waarde van de condensator (2-4pF) ook invloed heeft op de hoogte van de spanning op de uitgang; volgens de ontwerpers zou het voor deze pulsgenerator 10V bij een 50R-last zijn. Dat laatste snap ik niet helemaal, ik zou 40V verwachten, de breakdown voltage van de tor.
* mijn scope-probe heeft een lang aarddraadje.
Sluit je geen 50 ohm coax aan op die BNC-connector, en de andere kant van de coax op de BNC-ingang van de scope? Ik gebruik bij mij een verloopkabeltje SMA/BNC om de pulsgen op de scope aan te sluiten. Aardedraadjes komen er niet aan te pas. (overigens, realiseer me juist dat ik m'n scope niet met 50ohm heb afgesloten bij het maken van deze foto; dus een mismatch in het systeem, van 50R naar 1M van de scope....)
* een bc547 is misschien niet snel genoeg (en heb ik vooral vanwege de vrij lage max. Vce gebruikt). Misschien had ik ‘m in een voetje moeten zetten, kan ik wisselen…
Ik zou zeker geen voetje gebruiken.... en zoals Henk al schrijft, 2N2369 o.i.d. En solderen met zo kort mogelijke aansluitdraden. Bij mijn pulsgen zitten de componenten rechtstreeks tegen het kunststof lichaam van de tor, kortere lead-lengths is niet mogelijk, de behuizing van de tor zit in de weg. Mogelijk dat er ook een SMD-variant van de 2N2369 bestaat waarbij nog kortere lead-lengths mogelijk zijn?
Lucky Luke, ik zou zeker ook appendix D van AN-47 van Linear Technology eens doorlezen, daar staat veel goede info in. Ook de uitleg om een 2N2369 te gebruiken (en te selecteren op avalanche-gedrag):
Overigens, ik zou zo'n simpele schakeling niet op print opbouwen, om twee redenen: 1) het is zo klein en simpel dat er geen print nodig is, maar vooral 2) door het zwevend op te bouwen kun je *zeer* compact bouwen, met practisch zero lead-lengths. Hieronder een voorbeeldje van een klein vermogensmetertje met dummyload, waarbij de 2 x 100 ohm SMD weerstandjes rechtstreeks op de SMA-connector zitten, en de gelijkrichtdiode ook rechtstreeks erop. Beter dan dit kan ik het mijn middelen (zonder wire-bonding machine) niet maken.
Door het op een printplaatje op te bouwen met een dunne massa-draad introduceer je veel extra inductie, dat gaat de snelheid van de puls niet ten goede komen.
In mijn avalanche pulsgenerator heb ik trouwens 3 stuks 150 ohm SMD weerstanden parallel gezet. Hoe kleiner de weerstand (0805 i.p.v. 1209), hoe beter het HF-gedrag wordt.
Net eventjes mijn avalanche pulsgenerator aangesloten op de scope, en daar zie ik een amplitude van 2.5 V op het scherm. In werkelijkheid is de amplitude waarschijnlijk veel groter, m'n Tek TDS210 heeft een bandbreedt van officiëel 50MHz. Dus tegen de tijd dat het lijntje op de scope omhoog gaat, is de puls in werkelijkheid al lang weer terug naar beneden aan het gaan....
Hopelijk stopt de kerstman dit jaar een leuke LeCroy oscilloscoop in m'n sok zodat ik kan terugrapporteren wat de *echte* snelheid van deze puls is....
(Ik heb in het verleden een 1GHz-sampling scope gehad (HP1801, insteekmodule voor het HP182T-mainframe) maar deze had een mechanisch defect dat niet repareerbaar was. Op dit soort momenten mis ik hem erg....)
Krelis Vonketrekker
Golden Member
Henk, jij hebt wat meer ervaring, heb nog wat varactor diodes, waren voor 4 GHz > 8 GHZ, die kleine op de foto. Is dat een goede keuze???? Mvg, Hans
electron920
Everything should be as simple as possible, but not simpler.
Ha nonius,
Dat is een mooie sin X/ X puls door de misaanpassing under shoot maar verder netjes.
Als je er een sin π X / π X van kan maken is de puls smaller....
Vraag kan je het spectrum weergeven en trigger je vanuit een functie generator ?
Je kunt ook zo'n moderne bus driver gebruiken @heer miedema heeft er een gedemonstreerd, als je geen Comb generator voor ogen hebt niets mis mee...
Mijn eerste puls generator is van 1981 met een step recovery diode van dump Boon.....
@Krelis Vonketrekker,
Hallo Hans, die kleine zullen bruikbaar zijn voor microgolf maar, met die wat oudere diodes kan je er zomaar naast zitten.
Ik heb ook nog veel van die oude modellen maar een nieuwe van bijvoorbeeld Microsemi kost niet veel en een veel lager ruis niveau.
Voor de CO-ontvanger gebruik ik Toshiba 1,2 mm groot
die hebt nog nooit voor die toepassing geprobeerd,
zou ik eens kunnen doen.
Je zal dan wel een transmissie lijn moeten gebruiken ander is de step recovery diode beter.....
Groet,
Henk.
nonius
set SCE to AUX.
Vraag kan je het spectrum weergeven [...]
Met samengeknepen billetjes (en initiëel 70dB verzwakking ingeschakeld; op deze foto's met 30dB verzwakking) heb ik de pulsgenerator op de spectrum-analyzer (HP8558b) aangesloten. Eerste foto toont het spectrum van 0-1000 MHz (100 MHz/div), de tweede het bereik van ca. 600-1600 MHz (ook weer 100 MH/div).
Het signaal loopt met ca. 20-23dB terug rond 1550 MHz.
Ben benieuwd wat je uit deze foto's kunt afleiden voor wat betreft de kwaliteit (of het gebrek eraan?) van de pulsgenerator.
[...] en trigger je vanuit een functie generator ?
In de eerder geplaatste foto van de puls op de scope heb ik gewoon op de puls zelf getriggerd, dat gaf een net en stilstaand beeld. (vanwege de zeer lichte jitter had ik de triggering even gestopt bij het maken van de foto, dat gaf een mooier gedefiniëerd lijntje).
Hoe smaller en steiler de puls in het tijddomein des te rechter/vlakker en oneindiger het spectrum in het frequentiedomein ervan wordt.
electron920
Everything should be as simple as possible, but not simpler.
Ha nonius,
Mooie foto's dank, maar dat spectrum kan ik dromen daar ging het mij niet om.
Welke kam frequentie gebruik je 1 MHz ? en kan je zeg rond de 100 MHz even in zoemen.....
Het spectrum is prima zeker tot 500 MHz niets mis mee bij de mono puls gat het niet alleen om de snelheid maar ook om de energie inhoud.
Een.... je hebt alle harmonische dus 1,2,3,4,.... dit in tegenstelling tot een blokgolf 3,5,7,9,.....
Twee.... alle harmonische zijn even sterk vertegenwoordigt in het spectrum.
Uiteraard is dit laatste sterk afhankelijk van componenten keuze en de opbouw (aanpassing).
In mijn puls systeem gebruik ik een programmeerbare puls generator en een losse avalanche kop, die zit direct op de D.U.T.
De bias loopt mee over de stuur kabel (stroom koppelfilter).
Maar het meten is best wel een dingetje direct bijna niet haalbaar voor de amateur maar er zijn andere opties.
Ik kan op diverse manieren meten afhankelijk van het experiment / onderzoek met de scope 4 GHz 22 Gs/s of met de HP 50 GHz en optisch.
Maar mijn mooiste apparaat in dit domein is de Wavecrest 600 fs single shot 
Groet,
Henk.