OM-halfgeleiders, 12NC nummering Philips plus aanverwante zaken en geschiedenis

Bedankt, schept weer wat helderheid! Ik vermoed op basis hiervan sterk dat het complete rijtje 83 of 84 t/m 98 commercieel zal zijn. 99 is een vreemde vergaarbak van allerhande soorten nummers voor zover ik kan zien.

Dat nummers met 82 voor testen zijn gebruikt bevestigt mijn eerdere indruk daarover. Het zijn bij mijn weten nummers die in principe niet centraal geregistreerd worden of werden (een relatief duur en tijdrovend proces) en waarschijnlijk in zelf in te vullen blokken worden toegewezen aan afdelingen. De term schetsnummers heb ik ook wel eens horen vallen, dat bevestigt ook het idee dat ze voor tijdelijk en intern gebruik bestemd zijn. De voor 'de man in de straat' meest zichtbare toepassing is het gebruik voor printlayouts, ook in consumentenapparatuur. De printplaat als geheel heeft dan ook een normaal nummer maar de koperlaag, silkscreen, etc. die buiten de fabriek van geen enkel belang zijn, krijgen een nummer dat met 82 begint. Laatst kwam ik ook nog een met merkstift geschreven 82-nummer tegen op een pneumatische cylinder uit de voormalige fabriek in Heerlen.

@Luckyboy: De foto verduidelijkt wel het een en ander, maar waar die 4619-code nu precies op slaat? Stond hij uiterst rechtsonder dan zou het de 12NC van het etiket zelf zijn, maar nu staat hij er maar een beetje verloren op...

Of ASML een klant was van S&I/I&E

ASML komt voort uit een samenwerking tussen Philips en ASM International. Voor zover ik me nu herinner was oorspronkelijk Philips S&I een lithografie productiemachine aan het ontwikkelen op basis van Natlab concept technologie. De samenwerking met ASM International is gestart om makkelijker klanten buiten Philips te werven voor deze kostbare belichtingsmachines. Technische staf kwam van Philips S&I, Natlab en veel extern, de commerciele staf van ASM International. Er werd veel ingekocht van S&I en Philips machinefabrieken. Onderzoek bij Natlab en uitbestedingen van stukken ontwikkeling heel lang bij CFT.

Op 1 juli 2013 19:16:35 schreef Henry S.:
0A-diodes is leuk bedacht, maar het is zijn echt OA-diodes volgens Philips eigen pre-Pro Electron datasheets. Men heeft het ook altijd over OC en OD torren gehad.

Ik heb net in NVHR tijdschrift (nr.128) een stukje gelezen over de ontwikkeling van transistoren bij Philips. Hierin wordt de oude codering (dus nog voor invoering Pro-Electron) kort uitgelegd.

De Ox code is in de jaren '50 bij de ontwikkeling van halfgeleiders door Philips afgeleid van de Europese buizentypering. De eerste letter/cijfer geeft info over de gloeispanning de tweede over het type. Men gebruikte de 0 (nul) om aan te geven dat er geen gloeisp. nodig is, maar om praktische reden werdt er een O (letter O) geschreven. De tweede letter heeft zelfde betekenis als bij de buizen. A = diode, C = triode (men vergeleek de transistor met een triode)

De Ox codering op diodes/transistors lijkt mij los te staan van de OM codering op de latere modules.

Vanwege de toename in halfgeleider types is in Europa vrij snel (rond 1960) de Pro-Electron codering ingevoerd.

http://members.home.nl/baltusg/OQ.jpg

Dit zijn ze. Sommige heb ik enkel, andere juist niet.

Edit: Normaal verklein ik naar 640x480 en dan krijg ik geen commentaar. Is hier misgegaan omdat ik niet heb opgelet en 640 bij de korte zijde heb ingevuld. Portrait i.p.v. landscape... Excuses.

[Bericht gewijzigd door guidob op (52%)]

Wil je aub een beetje om de bestandsgrootte van de afbeelding denken?

Op 16 september 2013 17:06:54 schreef Schimanski:
Ik heb net in NVHR tijdschrift (nr.128) een stukje gelezen over de ontwikkeling van transistoren bij Philips. Hierin wordt de oude codering (dus nog voor invoering Pro-Electron) kort uitgelegd.

De Ox code is in de jaren '50 bij de ontwikkeling van halfgeleiders door Philips afgeleid van de Europese buizentypering. De eerste letter/cijfer geeft info over de gloeispanning de tweede over het type. Men gebruikte de 0 (nul) om aan te geven dat er geen gloeisp. nodig is, maar om praktische reden werdt er een O (letter O) geschreven. De tweede letter heeft zelfde betekenis als bij de buizen. A = diode, C = triode (men vergeleek de transistor met een triode)

Dat is een leuk weetje, ik ga RHT nr.128 (is alweer een paar jaartjes oud, 2009) er nog eens op naslaan.

Ik zie dat ik nog moet bijwerken...

Grappig, dat papiertje. De transistor die later BFW96 is geworden, was ten tijde van de ontwikkeling dus voorbestemd om in de BFY-reeks terecht te gaan komen.

nou, dit wordt het laatste, heb alles doorzocht denk ik:

ic, dil, 14 pin plastic, 115OM, papiertje erbij FRH101 = 115 OM
ic, dil, 14 p plastic , 206 OM
ic,dil, 16p plastic, 238 OM
ic, dil, 16p plastic, 242 OM

verder heb ik ook nog (heel)wat philips nummers(merk staat er niet op) dtl en ttl ic's, bij sommige van de ttl ic's staat zowel het philips nr als het 7400 serie nummer er op.
bijv "FJJ141 ARN1 7490 N" Dus niet alleen functioneel, ook electrisch zou het met de 7400 serie overeen moeten komen?

En als klap op de vuurpijl: "dingetjes" in een zakje, gemerkt OM200.

De "dingetjes" zijn zwarte plastic blokjes, ca 3mm in het vierkant en 1 mm dik. Uit 1 zijkant komen 4 heel dunne platte (vergulde?) draadjes. op de blokjes zit een klein geel stipje. Ik meet 1 of 2 diode-overgangen maar het lijkt niet als een mini brucel te meten, moet ik een keertje voor gaan zitten want het is te klein voor mijn meetpennen!
Ik heb tien van die dingetjes, ik ga er wel een keertje eentje opofferen en de huntron er aan hangen.
Ik post nog wel een keer een fotootje.

Het klopt inderdaad dat de Europees genummerde TTL-IC's equivalent waren met de Amerikaans genummerde overeenkomstige schakelingen.

Die OM200 hoef je niet op te offeren. Het gaat om een trarlingtonschakeling voor gehoorapparaten. De eerste generatie na de discrete schakelingen met de OC58 t/m OC60. Datablad was van minstens 1966 tot 1985 in de gangbare boeken van Philips aanwezig.

@markce: tegelijk! Overigens zijn de componentwaardes in de TAA263 wel degelijk verschillend. Het gaat dus om een "gelijksoortig" en niet equivalent IC, dat had ik in de startpost eerst ook fout staan.

[Bericht gewijzigd door maartenbakker op (14%)]

Volgens mijn databoek hebben de OM200/S2 en de TAA263 dezelfde componenten. De OM200 is low-noise. Het is een drietraps tansistor versterkertje met gemeenschappelijke emitter en open collector uitgang. De eerste twee torren hebben een collector weerstand (8k en 3K), dat is alles. Voeding 5V max, 5mA max. Versterking is typical 85dB.

aha dat is leuk! Hoe heet dat databoek precies en uit welk jaar komt het? dan kan ik eens kijken of-ie te downloaden is van de site van electronics and books.
Is niet heel toevallig dus, ik heb nl ook nog een paar OC55 en OC58, zijn hoorapparaat transistortjes, en ergens nog dioden in een gelijkvormige maar nog weer kleinere behuizing als die OC58. Helaas die dioden zijn zo klein, zitten ergens bij maar heb ze niet meer kunnen vinden......

[Bericht gewijzigd door Gerard Slikker op (48%)]

De OM200/S2 uit boek IC01N 1985 heeft ook 8k en 3k. Vandaar dat ik concludeerde dat hij anders was dan de TAA263.

Onderzoek bij radiomuseum.org leert dat er van andere fabrikanten oook nog min-of-meer uitwisselbare types bestaan voor de beide Philips-IC's.

Volgens dit document is een ON921 gelijk aan een BFQ136. Daarbij gaat het om een UHF/SHF vermogensversterker.

Alweer even geleden wat buizenprototypes toegevoegd. Nu ook weer een paar OQ's erbij en bovenstaande van Henry.

vond nog wat om's hier.

http://i578.photobucket.com/albums/ss226/zoalshetis/20131109_091529_zps0ebe0287.jpg

weet niet waar ze uitkomen, zaten in een doos met diverse die ik via mp kocht..

Opzich lijkt me dit een geschikt topic omdat het een exotisch Philipsapparaat is met nummers erop ;) De alternatieven zouden zijn het meetapparatuurshowtopic of een eigen nieuw topic. Hij is aan de 12NC en de letter D voor het (afwezige, anders mogelijk handgeschreven) serienummer te zien in elk geval gebouwd door de gebruikelijke meetapparatenfabriek, dus niet door een EBM-afdeling zoals je binnen fabrieken van Philips zelf veel tegenkomt. Kennelijk gaat het wel om een kleine of afwijkende serie gezien de typesticker en het uiterlijk.

Waar hij gebruikt is zou je aan de stickertjes op het front moeten kunnen zien, kan je daar eens een foto van maken? Ook kan de plaats van herkomst op MP een aanwijzing zijn (inventaris van Heerlen werd door een bepaalde verkoper verkocht bijvoorbeeld).

Ik verwacht geen typenummer, maar als dat er opstaat zou het onder het stickertje rechtsboven kunnen zijn.

Reconstrueren van een eventueel typenummer uit de 12NC levert iets op als Px0002/10 waarbij de x een M, R, W of een hele andere letter zou zijn. Niet een nummer waar iets mee op de markt kwam, lijkt me, vandaar en vanwege de benaming op de typesticker dat ik ook niet verwacht dat er verder ergens een nummer staat.

@testman: dat lijken hybrides gezien de opdrukken en afmetingen, maar zitten wel in een soort IC-behuizing?

Gezien de 12NC die bij S&I/T&M enz. hoort lijkt me dat iets minder waarschijnlijk, maar niets is onmogelijk.

Moest ik gokken dan is LMS5.1 de naam van de module of van het systeem waarin hij thuishoort. Niet van een afdeling of groep producten.

Nog weer wat toegevoegd, voorlopig ook even de 95xxx buizenreeks. Lijkt erop dat dit ook een soort Ox-achtige codering was van buizen die ook als normale types in productie waren. Verdere informatie welkom.

Als informatiebron voor pre-productie halfgeleidertypes (ook foto's van dies van IC's met een xxxOM nummer op de die, leuk om te zien) ook Elonco Bulletin ontdekt. Als iemand daar nog nummers van heeft liggen houd ik me aanbevolen. Ik heb een grotendeels complete reeks uit de jaren '70 maar mis toch nog wel het nodige.

Niet zomaar in 2006, zelfs nog een keer in 2008...

Probleem is een beetje dat Philips zich mijnsinziens door LG een tweetal oren heeft laten aannaaien en dat dit einde op enig moment onvermijdelijk was. Het CRT-oor was achteraf bezien een soort sterfhuisconstructie met LG als bewindvoerder (feitelijk verbod op ontwikkelingen die intern concurrentie zouden kunnen opleveren en invoeren van een andere manier van werken en afspraken maken) en wat Nederlanders die er het beste van probeerden te maken op niet altijd de beste manier (bijvoorbeeld de bouw van nieuwe fabrieken en productielijnen met overcapaciteit die opzich efficienter waren, toen de krimp al had moeten worden ingezet om langer effectief te kunnen overleven) en het LCD-oor was een patentverkoopconstructie.

Bron: interpreteren van de markt en van publicaties zoals het mooie herinneringsboek "Buiten beeld geraakt".

Langzamerhand verwerk ik nog wat informatie uit diverse Elonco bulletins. Daar staat nog best veel in, soms uitgebreidere specs of grafiekjes of applicaties. Het blijkt naast de aanvullingsboekjes op de databoeken een dankbare bron van informatie over dit soort halfgeleiders.

Ik heb mijn collectie eloncobulletins ook nog niet compleet, dus als iemand iets heeft liggen...

Afgelopen maanden weer het nodige toegevoegd. De stapel Eloncobulletins is nog niet helemaal uit. De databoeken hebben hun waarde alweer bewezen bij het linken aan latere productienummers wat soms erg snel gaat als je een gooi in de juiste richting doet aan de hand van de beschrijving (bijvoorbeeld 354BD -> BU132).

Als iemand nog tussentijdse aanvullingsbladen of boekjes op de databoekenreeks heeft (databoeken zelf ook welkom, al heb ik daar al veel van), of Elonco-bulletins met name lager dan nummer 48 of hoger dan nummer 127 heb ik ook interesse. Interessant bronmateriaal.

@fred101: heb je je instrument al onderzocht op verdere nummers?

Geen idee of het voor iemand interessant is om de Valvo OC76/OC77 torren van The Engineer te verkrijgen (alternatief: KCA)? Of heeft die OC nummering geen verband met wat er in dit topic wordt besproken?
Zie de advertentie.

Hier vind je nog een paar types beginnende met Ox, deels geeft NXP er een vervanger voor.

We waren vandaag op zoek naar een ON5134, een BU2508AF wordt als vervanger genoemd.

Dankje. Ik heb op mn andere computer eens een stapel van die discontinuation notices gedownload. Geen idee of deze er ook al bij was. In elk geval had ik ze nog niet verwerkt.

In Deurne twee bijzondere stuks glaswerk gescored met alleen een Philips achtige codering. Nummer: 2322 628 90014

Is een 15mm hoog radiobuisje (look en feel) met 7 draadeinden door de voet (ala nixie) in het buisje een zwart elipsvormig item wat tussen de aansluitpenning 54 ohm meet.
Uit het zwarte item komen op 1/3e en 2/3e twee apenhaartjes die naar ander aansluitpennen gaan. Tussen die pennen meet ik 110 ohm. Geen weerstand tussen de pennen die 54 ohm meten en de pennen die 110 ohm meten.

Ik probeer nog een macro foto te maken.

omdat maarten er in dit topic over begon :

philips shinano-kenshi bgm-cd met 10 uur aan muziek op 1 cd. de controller print is duidelijk van shinano kenshi, maar de rest is zeker geen philips. de ic's en laser, bekasting is allemaal japans. de laser is een high end model van sony. het lijkt erop dat het bgm-cd systeem meer door kenshi was ontwikkeld als door philips. dus miss was het apparaat ook door kenshi bij een lokale fabrikant gefabriceerd. als philips hier echt mee bezig was geweest had er een cdm loopwerk en tig philips ic's ingezeten..

http://i578.photobucket.com/albums/ss226/zoalshetis/20140625_122804_zps96b0d2f4.jpg

http://i578.photobucket.com/albums/ss226/zoalshetis/20140625_122832_zps924c2979.jpg

http://i578.photobucket.com/albums/ss226/zoalshetis/20140625_122812_zps06f15f6a.jpg

als je bewijs zoekt dat philips bij sony inkocht, is er zeker wel te vinden. de philips cd 10 was de eerste portable cd speler. maar vanbinnen een sony op de cdm swingarm unit na, vergelijkbaar met de sony cd50. dat zal een joint venture zijn geweest omdat philips nog niet zo compact cd spelers kon bouwen indertijd, maar wel een compact loopwerk had.

foto's toen al gemaakt vanwege dit topic :)

[Bericht gewijzigd door testman op (49%)]