Nou mijn Frans is helemaal niet thuis!
Maar ook hiermee moet ik toch eens aan de rommel,
Een van deze denk ik!
http://homepage.eircom.net/~ei9gq/regen.html
http://home.hetnet.nl/~pa2ohh/05simrxnl.htm
http://www.mydarc.de/dk5zm/radio.htm#fet
En door al dit gerommel
heb ik mijn 0V1 ook nog even aangeslingerd!
En bedacht me om er nog eens wat mee te experimenteren.
En wat dacht je er komt nu nog meer geluid uit!
Het was al niet slecht,
maar nu word ik plat gegooid van de stations.
Ja ja en toch nog steeds selectief echt waar!
Een japanse vervanger voor de ECC82
En zonder LS trafo!
Alleen wel een beetje eng rond de 220V door mijn koptelefoon.
Maar het kan!
Rob007.
zweetvoetje
Free the whales!
bij dat tweede schema:
Automatische frequentie correctie
De stabiliteit van de ontvanger is natuurlijk niet erg groot. Er is een direkte koppeling van de oscillator met de antenne en het is een volledig open constructie. Maar het fijnafstemmen met behulp van het bewegen van je hand werkt ook als automatische frequentie correctie! Je beweegt je hand namelijk automatisch om de ontvangstfrequentie correct te houden, daar hoef je niet eens bij na te denken.
Zo heb ik ook een systeem dat automatisch het eten klaar maakt, en me kamer opruimt 
Nouja, verder zijn het wel erg simpele schema's. Er is iig wel 1 extra trapje LF aan te raden.
fred101
Golden Member
www.pa4tim.nl, www.schneiderelectronicsrepair.nl, Reparatie van meet- en calibratie apparatuur en maritieme en industriele PCBs
Leerzaam topic, kan er niet af en toe zo een type ontvanger aan de hand van een schema worden besproken. Dus hoe het werkt, met van die mooie scoop beelden en een fototje van het resultaat.
Je ziet namelijk hele simpele ontvangertjes met een transitor en heel ingewikkelde met mixers en VFO's en BFO's
Dan heb ik het niet over alle filters die toegepast worden maar meer de detectie methode. Vaak staan bij schema's niet eens de frequenties die je kunt ontvangen, hoe af te regelen of waar je wat moet meten. Jullie zien al aan het schema of het AM of FM is. Ik dacht namelijk dat dit een leuk eenvoudig na te bouwen 2 meter ontvangertje zou zijn maar nu blijkt het AM te zijn en 2 meter is zover ik kon vinden NBFM. Maar ik las ook over AM en SSB op 2M.
Fred
Uitgewerkte topics kosten veel tijd, en tijdgebrek hebben we hier allemaal. "To do, to do, so much to do, and the list gets bigger and bigger"
Zo nu en dan probeer ik iets uit te lichten.
[Bericht gewijzigd door Henry S. op ]
zweetvoetje
Free the whales!
Tja, je krijgt er vanzelf wel oog voor. Verder moet je ervan uit gaan dat alles wat superreg heet voor FM is, en alles wat reg/regen/regeneratier/eenkringer/... voor AM geschikt is. In principe valt bijna ieder AM schema aan te passen voor MG, of kg. Al zal een MGschema bovenin de KG niet zoveel meer doen...
En wees vooral niet bang om iets te vragen. Vragen zijn niet dom. Alleen antwoorden (als daar de verkeerde plaatjes in worden gezet
)
fred101
Golden Member
www.pa4tim.nl, www.schneiderelectronicsrepair.nl, Reparatie van meet- en calibratie apparatuur en maritieme en industriele PCBs
Dan is dit een uitzondering ? Want ik begreep uit eerdere postings dat dit een AM ontvanger is.
Fred
zweetvoetje
Free the whales!
nouja, eigenlijk is een superreg voor beiden geschikt. Het beste is het geschikt voor AM-modulatie. De HF-banden zijn echter zo druk dat een gewone reg veel beter presteert, de selectiviteit van een superreg is namelijk veel slechter. De gevoeligheid schijnt groter te zijn. Hij is iig beter geschikt voor hogere frequenties omdat de Q-factor van de kring bij een superreg minder kritisch is.
fred101
Golden Member
www.pa4tim.nl, www.schneiderelectronicsrepair.nl, Reparatie van meet- en calibratie apparatuur en maritieme en industriele PCBs
hoe zie je nu of iets AM of FM is. Bij AM wordt de omhullende gepakt en door gelijkrichten ontstaat het LF. Nu gebeurt dat hier denk ik als volgt:
de kring L1 met afstemcondensator krijgt een signaal via de koppelspoel L2. (waarom de antenne niet direct op de spoel of beinvloed dat de oscillator te veel)
De oscillator (een soort klippende begrijp ik) mengt hier niet zijn frequentie met die van de kring in een mixer. Dan ontstaat hier dus geen som en verschilfreq. En geen MF. De oscillator zorgt hier alleen voor versterking? en waarom moet hij quenchen. De versterkte frequentie gaat voor een deel (lage frequenties ?)via de 150Pf condensator naar de aarde, De hoge frequentie via C4 naar TR2 welke hem versterkt en gelijkricht tot audiosignaal. ???
Oei oei, Fred heeft weer iets geroken en een tipje van de sluier gezien,dat wordt weer een lange discussie 
fred
zweetvoetje
Free the whales!
Nouja, er zijn vele methodes om AM te detecteren.
De klassieke methode met een diode die de omhullende golf pakt.
Een transistor die niet lineair versterkt. Dat wil zeggen, bij een grotere basisstroom is de uitgangsspanning heel veel groter. Bij een kleinere basisstroom is de uitgangsspanning maar een beetje kleiner. Als je nu de HF-componenten eruit filtert houdt je audio over. Op de uitgang heb je een soort aan één kant afgeplatte, en aan de andere kant uitgetrokken sinus. Als deze 'sinus' groter wordt, dan is de gemmiddelde spanning hoger.
de superreg. Dit is dus een ontvanger met een oscillator die steeds aan en uit gaat. (schakelt met quenchfrequentie). Als er veel signaal op de te ontvangen frequentie is, dan start de oscillator veel sneller op dan als er geen signaal is. Er kan op verschillende manieren gekeken worden naar de uitgangssignalen van deze ontvanger. Er bestaan schakelingen waar bij meer signaal de quenchfrequentie omhoog gaat, maar soms blijft dan de frequentie gelijk, maar is hij een groter deel van de tijd aan het oscilleren. Beiden valleen vrij makkelijk te detecteren, en daarna verder te versterken. (ik heb hier geloof ik al eens een uitgebreidere uitleg over gepost ergens)
In principe zijn al deze methoden ook geschikt voor FM-ontvangst. Als het FM-signaal namelijk in een resonantiekring (afgestemd net naast het signaal) wordt gestopt, en daarna naar de amplitude gekeken wordt, dan zal deze duidelijk afhangen van de frequentie van het signaal (en die verandert dus met het audio-signaal). Op deze manier wordt het FM-signaal eigenlijk omgezet in een AM-signaal. Eigenlijk werken bijna alle schakelingen volgens deze methode (al ben ik in een RB uit eind 50's ook wel wat anders (mooiers) tegengekomen).
In een superreg gebeurt min of meer hetzelfde. Dat is ook een ontvanger met een bepaalde selectiviteit, die zich ongeveer net zo als een resonantiekring gedraagt.
Zoals gezegd heeft de superreg het voordeel van grote selectiviteit (30kHz bandbreedte is haalbaar) op de hoge frequenties, terwijl een gewone reg veel meer selectiviteit (tot zo'n 1.5 kHz in 80m) heeft op de lagere frequenties.
artikel uit RB over superreg:
http://img512.imageshack.us/img512/9071/scannen9au.jpg
http://img512.imageshack.us/img512/1513/scan00010bi.jpg
uit topic: http://www.circuitsonline.nl/forum/view/28016/1/rutger+superreg
[Bericht gewijzigd door zweetvoetje op ]
fred101
Golden Member
www.pa4tim.nl, www.schneiderelectronicsrepair.nl, Reparatie van meet- en calibratie apparatuur en maritieme en industriele PCBs
Dat is een bijna begrijpbaar artikel. Ik heb in alle uitleg (buiten CO om van FET over mijn SSB ontvanger) het steeds gehad over een ontvanger met oscillator en mixer. Dat principe ken ik nu maar dit is weer iets heel anders. Als ik het even heel simplistisch vertaal: Hierbij wordt dus eigelijk het HF gebruikt om een oscillatorfrequentie zo te veranderen dat er eigelijk een gemoduleerde LF copie van het orginele gemoduleerde HF ontstaat.
Bij AM wordt de oscillator zo ingesteld dat hij de amplitude verandering van het HF volgt. Er ontstaat dan een AM gemoduleerd signaal in het LF bereik wat direct gelijkgericht kan worden.
bij FM wordt hij zo ingesteld dat hij in top amplitude niet meer kan volgen (hij overstuurd voor die tijd en geeft als uitgang altijd de zelfde amplitude) maar wel op de frequentie verandering reageert (de flank verandert immers ook in amplitude maar de stijlheid is bij een hoge freq groter als bij een lage en daardoor ook de tijd tussen de pendelstart/stop) Er ontstaat daardoor een gecopieerd LF FM signaal wat dan (en dat weet ik nog niet want FM is nog niet helemaal duidelijk) via een resonantiekring wordt gedetecteerd.
Waarom moet dat met 30 tot 80 KHz frequentie. De draaggolf is bv 144 Mhz. Hij moet bij iedere periode toch reageren op de flank of amplitude verandering. Bij 144 MHz moet hij dus 144000000 keer per seconde aanspringen zou ik denken. Maar als hij oscilleerd met bv 30 KHz dan slaat hij toch een boel over, of is het dat hij gewoon zo snel maar hoeft te zijn omdat hij maar een klein stuk van de periode nodig heeft om aan te zwengelen en dan ook nog maar een stukje volgt.
Is dit een superreg in een notendop ?
Fred
zweetvoetje
Free the whales!
nee, nog niet.
Hier een tekeningetje:
Let op, hier zijn de amplitudes getekend; Dit proces speelt zich eigenlijk af over vele HF trillingen... Het herhaalt zich met de quenchfrequentie.
Verder is tekening 1 alleen van een losse trillingskring, geen osc.
De mate van energieoverdracht door de zender hangt af van de frequentie waarop de trillingskring ingesteld is. Voor kleine amplitudes (zo klein dat de kring nog (bijna) niets zelf uitzend), kan men zeggen dat de energie in de kring lineair toeneemt. (want er wordt een constant HF-vermogen ingezonden, de tijd is zo kort dat modulatieeffecten vewaarloosd mogen worden).
E=a*t
de amplitude hangt met een wortel af van de energie.
A=b*wortel(t)
(a, en b zijn evenredigheidsconstanten die verder niet ter zake doen).
Wat is nou een oscillator? Door de terugkoppeling in de oscillator is iedere periode een klein beetje groter dan de vorige.
Stel A0 de amplitude op t=0, en A1 de amplitude op t=1, enz.
dan geldt:
A1=cA0
A2=cA1=c*c*A0
A3=c*c*c*A0
enz.
A(t)=A0 * ct
Als A0 echter 0 is, dan zal de oscillator dus helemaal niet starten. In de praktijk zal er altijd wel wat ruis in de kring komen, en zal de osc. ook wel starten, zij het traag.
De snelheid waarmee de kring start hangt dus in het begin vooral af van de zender. Als de amplitude groot genoeg is, dan gaat de amplitude verder exponentieel toenemen door de osc. die op gang komt. De amplitude die die uiteindelijk bereikt zal altijd gelijk zijn, maar als hij afgestemd staat op een zender, dan zal ie het veel sneller bereiken.
Als de amplitude groot genoeg is, dan wordt de oscillator 'uitgezet' en gedempt, zodat de amplitude in de kring naar 0 daalt. Dan begint het verhaal weer overnieuw.
Het enige wat er dus varieert is de tijd die het duurt voordat een bepaalde amplitude bereikt wordt. Die tijd kan op verschillende manieren uitgelezen worden, elk met zijn eigen voor en nadelen.
Ik hoop dat je dit nu snapt. De volgende stap is te bedenken hoe de selectiviteit en quenchfrequentie met elkaar te maken hebben. Dat is ook leuk, maar eerst even wachten of je dit snapt.
fred101
Golden Member
www.pa4tim.nl, www.schneiderelectronicsrepair.nl, Reparatie van meet- en calibratie apparatuur en maritieme en industriele PCBs
Ik neem aan dat het bereiken van de amplitude die jij beschrijft in 1 periode plaats vindt en niet zoals een het opstarten van een sinus oscillator waar je na iedere periode de amplitude ziet stijgen. (de golfjes worden steeds hoger maar de frequentie blijft gelijk. Hier krijg je dus een soort zaagtand achtige golf (brekende golf
) welke steeds de zelfde amplitude heeft maar waarbij de "frequentie" (de tijd van start tot top-amplitude) wijzigt. Ook blijft het signaal hier van 0 naar + naar 0 gaan denk ik.
Het deel wat ik nog niet snap is een trillingkring. Dit is toch een LC kring welke bij een bepaalde frequentie gaat resoneren. De impendantie neemt dan toe en de kring houdt alles tegen behalve die resonantiefrequentie die zelfs in spanning toeneemt. Door te spelen met de plaats van LC en soms R kun je dan zorgen dat er een bandsper, band doorlaat, hoog doorlaat of laagdoorlaat filter ontstaat.
Even terugkoppelend 
Een oscillator versterkt een signaal geeft een stukje terug op de ingang waardoor dat ingang-signaal weer sterker wordt en nog sterker er uit komt. En dat is dan een soort zich zelf versterkend gebeuren totdat er geen verdere versterking kan plaats vinden en hij stabiliseert.
Daar spelen RC combinaties toch een rol in om te bepalen wat de frequentie is van de oscillator. De condensator laat zich zelf vol met de gelijkstroom (de spanning ijlt na op de stroom) en ontlaad via de weerstand. Daardoor wordt de basis van de transistor langzaam open gestuurd. Hij versterkt, koppeld terug en versterkt nog meer enz tot de condensator weer leeg is. De spanning over CE loopt dan gedurende deze tijd op Dan begint deze weer te laden en de versterking wordt steeds minder tot deze vol is, de CE spanning daalt dan enz (dat laden/leeglopen kan net andersom zijn dat weet ik niet). De uitgangspanning heeft daardoor een sinusvormig verloop. Het gaat niet door nul maar zit boven op de gelijkstroom. Deze wordt niet doorgelaten dus de "negatieve alternatie" gaat daarom tot nul op zijn top.
Bij de superreg krijgt de oscillator dus niet de kans een echte sinus te vormen. Hij wil net niet oscilleren (soort evenwicht en als hij door HF uit evenwicht wordt gebracht dan gaat de transistor open en knalt de flank omhoog tot de max amplitude wordt bereikt. De transistor gaat dan niet geleidelijk dicht (geen RC netwerkje?) maar gooit in 1x de deur dicht. Het resultaat is een signaal met vaste amplitude en vaste frequentie maar met een stijlere of minder stijle flank of (wat ik denk) door de stijlere flank een kortere periode (dus hogere frequentie) en natuurlijk omgekeerd.
Je weet waar je aan begonnen bent, zweetvoetje

Maar ik waardeer het heel erg.
Fred
zweetvoetje
Free the whales!
Je hebt het verschil tussen de twee oscillatiefrequenties nog niet door.
Het belangrijkste is de HF-oscillatiefrequentie van de LC-trillingskring. Deze is bijvoorbeeld op een frequentie van 100MHz.
Ten tweede is er de quenchfrequentie. Dit is de frequentie waarmee de LC-oscillator aan en uit wordt gezet. Deze frequentie is dus zo'n 30kHz.
Wat ik in mijn vorige post gepost heb is de amplitude van de HF-oscillaties. Als je wil kan je dus allemaal hele kleine sinusjes onder het lijntje krabbellen met de as als middelpunt, en rakend aan de amplitudelijn. Dat zou het signaal zijn dat je meet.
en niet zoals een het opstarten van een sinus oscillator waar je na iedere periode de amplitude ziet stijgen. (de golfjes worden steeds hoger maar de frequentie blijft gelijk.
dus juist wel 
Dat is dus net wat ik getekend heb in het tweede plaatje. (alleen dan de amplitude van de totale trilling, en niet de precieze spanning)
als je de amplitude vermenigvuldigd met sin(2*pi*f*t), dan heb je de spanning over de resonantiekring. (met f bijv. 100MHz)
En nog even dit rechtzetten: een oscillator KAN wel met RC's werken, maar hier is het gewoon met een LC kring.
dit is er bijvoorbeeld eentje:
de LC-spanning wordt gemeten, en aan de hand daarvan wordt er een stroom door de spoel gejaagd waardoor er meer energie in de LC-kring komt, en de oscillatie dus toeneemt.
voor de quenchfrequentie is het wel een soort van RC-osc. Dat is dan ook geen mooie sinus...
fred101
Golden Member
www.pa4tim.nl, www.schneiderelectronicsrepair.nl, Reparatie van meet- en calibratie apparatuur en maritieme en industriele PCBs
ik snap nu denk ik wel dat de twee kringen met andere frequenties werken. De ene met de HF freq waar je op af stemt en de andere met de frequentie die door de bouwer is ingesteld.
Maar ik snap niet helemaal waarom je nu zo'n quence oscillator nodig hebt, wat deze dus voor functie heeft. Hij zit gekoppelt aan de HF kring en die twee signalen beinvloeden elkaar op de een of andere manier. Dat is dus niet zoals bij een ontvanger met VFO en vast MF (weet de naam daar niet van)Daar heeft de oscillator een heel andere functie blijkbaar.
Ik ken het principe van een kristal ontvanger, die van de ontvanger met VFO, mixer en vast MF. Maar dat is AM. Nu was het schema van dit topic een FM ontvanger die eigelijk met AM werkt.
Ik zal dat artikel wat je gelinkt hebt nog eens goed doorlezen.
Fred
zweetvoetje
Free the whales!
tja, dat is dus net wat ik in dat plaatje heb uitgelegd. De amplitude van de HF-oscillatie neemt sneller toe als je een zender ontvangt. Door heel vaak (bijv. 30.000 keer)per seconde te kijken hoe snel de amplitude van de oscillatie toeneemt, kan men dus kijken hoeveel HF signaal er aanwezig is, en hoe dit HF-signaal verandert.
fred101
Golden Member
www.pa4tim.nl, www.schneiderelectronicsrepair.nl, Reparatie van meet- en calibratie apparatuur en maritieme en industriele PCBs
Dan is het goed want dan heb ik het begrepen, en heb je het niet voor niets gedaan. Ik probeer het met eigen woorden uit te leggen en als dat klopt heb ik het dus begrepen. Mooi op naar de volgende stap 
Fred
fred101
Golden Member
www.pa4tim.nl, www.schneiderelectronicsrepair.nl, Reparatie van meet- en calibratie apparatuur en maritieme en industriele PCBs
Op 9 mei 2006 17:16:48 schreef zweetvoetje:
Ik hoop dat je dit nu snapt. De volgende stap is te bedenken hoe de selectiviteit en quenchfrequentie met elkaar te maken hebben. Dat is ook leuk, maar eerst even wachten of je dit snapt.
dit bijvoorbeeld 
fred
zweetvoetje
Free the whales!
Ik heb eventjes geen tijd gehad om te antwoorden, maar nou heb ik dat gelukkig wel...
Dit is eigenlijk al meteen een behoorlijk ingewikkeld probleem. Ik ben momenteel ook te lui om het eens helemaal door te rekenen, ik heb al genoeg fysica te doen de komende tijd...
In principe komt het erop neer dat het antennesignaal eigenlijk alleen maar een noemenswaardige invloed op het signaal op de oscillator(LC-kring) heeft, als er weinig signaal op staat. Als het signaal groot genoeg is, door het aanzwellen van de oscillator, dan zal de terugkoppeling van de oscillator veel meer energie in de LC-kring brengen, dan dat de antenne doet.
Het antennesignaal heeft dus alleen invloed als de LC-kring nog maar weinig oscilleerd. Belangrijk is dus om te weten hoe snel de amplitude van de oscillaties toeneemt. Deze tijd is afhanekelijk van de Q-factor van de oscillator. Voor een oscillator is deze negatief. normaal betekend de Q-factor (van gedempte kring) het aantal trillingen waarna de amplitude nog maar 1/e=0.3678 maal zo groot was als aan het begin. Als ze negatief is, dan zegt deze dus iets over het aantal trillingen terug in de tijd dat het zo groot was, of omgekeerd, het aantal trillingen waarna de amplitude e = 2.718 maal zo groot is.
Een bij een Q van -50 neemt de amplitude dus na 50 trillingen met een factor 2.178 toe.
hoe groter (negatief) de Q is, hoe langzamer de amplitude van de trillingen toeneemt. Hoe meer selectiviteit dus.
De tijd die hier wordt besteed om langzaam, met het antennesignaal, een oscillatie op te bouwen is 'nuttig' besteed. In deze tijd is de ontvanger gevoelig. Op gegeven moment worden de amplitudes echter steeds groter, en langzamerhand zal de trilling dan ook zo groot worden dat het radio-signaal het niet meer noemenswaardig beïnvloed. De tijd dat het signaal zo groot is, is dus weggegooid. Er wordt niets ontvangen, de oscillator staat alleen te oscilleren.
Na een tijdje dooft de oscillatie weer uit. (dat kan zijn door een externe quenc-oscillator, of door het handig opstellen van de componenten van de oscillator zelf). Feit is dat de oscillatie weer uitdooft. (tijdens het uitdoven is de Q van de kring positief, en zeer klein, bijvoorbeeld 3, na iedere 3 trillingen is de amplitude dan nog maar 0.3678 maal zo groot als daarvoor, uiteindelijk zullen de trillingen zo goed als uitgedoofd zijn). Ook tijdens deze tijd wordt er niets ontvangen. (Hierna gaat de oscillatie dus weer langzaam op gang komen)
We kunnen dus eigenlijk de quench-periode opdelen in 3 delen. De nuttige aanzwelling Tnut, de nutteloze aanzwelling TAanz, en de uitdovingTdoof. Ze kosten allemaal een beppaalde tijd. Alleen de tijd van de nuttige aanzwelling hangt af van het antenne-signaal, de rest allemaal niet.
De quenchfrequentie is:
f=1/T=1/(Tnut+TAanz+Tdoof)
Je ziet hier al meteen een effect van de nuttige tijd op de quenchfrequentie, als je ervan uitgaat dat de andere tijden constant zijn. (dit is zo bij een zelf-quenchende superreg, dus zonder aparte quenchosc, bij de laatste is de frequentie constant, en zal de Aanz groter worden indien Tnut kleiner wordt, en andersom)
Nou is het handig om de quenchfrequentie zo hoog mogelijk te hebben, zodat hij niet hoorbaar is. Daarvoor moeten alle tijden dus zo kort mogelijk zijn. De Tnut is juist liefst zo lang mogelijk voor goede selectiviteit. En daar zit je net met het probleem dat je tegenkomt met superregs voor de kortegolf, waar veel selectiviteit nodig is. Voor een ideale superreg zijn de TAanz+Tdoof oneindig kort. Bij een realistische zijn deze echter bijna even lang als de nuttige tijd. Daar zit dus het probleem met deze ontvangers, van alle informatie die ze via de antenne binnen krijgen, gebruiken ze maar een deel, de rest wordt ingevuld met 'ruis'.
Als ik zin heb stel ik nog wel een keertje een formule op die de Tnut geeft in functie van de frequentie waarop afgestemd werd, de zenderfrequentie, en de Q-factor van de oscillator. Ik heb nou weinig zin in een differentiaalvergelijking in de complexe getallen.
fred101
Golden Member
www.pa4tim.nl, www.schneiderelectronicsrepair.nl, Reparatie van meet- en calibratie apparatuur en maritieme en industriele PCBs
Bedankt, dit is een duidelijk stukje. Voor mij hoef je het niet wiskundig te verklaren hoor. Ik weet niks van differentiaal berekeningen en dan kan ik het toch niet volgen. 
Oja de SSB ontvanger doet het nu prima op de LSB. Ik heb het 455KHz USB filter vervangen door een 459KHz (zelf bedacht en berekent dankzij jou en FET's uitleg)
Fred
Hallo iedereen.
ik vind het jammer dat dit topic omlaag valt!
Daarom trek ik hem weer omhoog (hoop dat niemand dit erg vind?)
Waarom ik dit nu doe? Ik had even mee zitten lezen hier:
http://www.circuitsonline.net/forum/view/42157
en hier kwamen ook weer leuke schema’s tevoorschijn zag ik.
@Henry. S kwam weer met leuke links met schema\s tevoorschijn.
http://www.mikroe.com/en/books/rrbook/chapter4/chapter4a.htm
http://www.circuitsonline.net/forum/view/32068/
http://www.mikroe.com/en/books/rrbook/rrbook.htm
En dacht ik ja die jat ik ook even naar hier!
In die topic en ook hier werd het een beetje moeilijker omdat er nu
ook over middenfrequent getikt werd.
Best wel een beetje moeilijk denk ik voor iedereen wel!
Dus gelijk ook de vraag waarom kan het niet recht toe recht aan?
Waarom niet een antenne versterker (misschien wel 2. . . .3)
en dan hoe noem je het? Detecteren en omzetten naar LF?
Dit hier boven gelijk ook omdat ik ook met dat peilen bezig ben!
http://www.circuitsonline.net/forum/view/41979
misschien valt dit te combineren?
Rob007.
Dat bestaat toch al lang? Dat heet een "rechtuit ontvanger".
Je moet dan wel alle selectiviteit maken met kringen die je allemaal tegelijk moet afstemmen.
Bij een superhet wordt de selectiviteit gemaakt met kringen die je niet hoeft af te stemmen. Daarom was hij ook uitgevonden 
fred101
Golden Member
www.pa4tim.nl, www.schneiderelectronicsrepair.nl, Reparatie van meet- en calibratie apparatuur en maritieme en industriele PCBs
Een MF is toch niet zo moeilijk. ipv dat je het ingangsignaal mengt met een Oscillatorsignaal van de zelfde frequentie meng je het nu met een ander signaal. Het som of verschilsignaal kun je dan na hartelust filteren en versterken. En omdat dat altijd de zelfde frequentie is maakt het dus ook helemaal niet uit wat de ontvangstfreq is. Alleen de preselectie en VFO is nu nog frequentie bepalend de rest niet meer. Erg makkelijk. Voor SSB heb je danm een BFO nodig en wat kreatief filter werk. Alleen zit je dan met gelijkloop, dat is iets minder makkelijk
Hoewel, als zelfs ik dat enigzins snap moet het voor jullie HF goeroes helemaal gesneden koek zijn.
Fred
(Z)weetvoetje
Hogepriester in het genootschap der mexicaanse hond. // // Aan 2% van de mensen is 50% van het bezit ; 1% van het bezit is aan 50% van de mensen.
nouja, een goede super heeft ook echt nog wel een paar probleempjes, als belangrijkste: kruismodulatie. Doordat je een mixer toepast die neit lineair versterkt zit je al snel met het probleem dat je niet alleen mixt met het oscillatorsignaal, maar ook met het signaal van een sterke zender dichtbij.
ander probleem: spiegelfrequenties: de ontvanger is in principe gevoelig op de ontvangstfrequentie en de ontvangstfrequentie + 2* MF. Dat kan weggefilterd worden, maar da's toch niet altijd eenvoudig.
gelijkloopproblemen kun je makkelijk oplossen door gewoon 2 afstemknoppen te gebruiken. Dat werkt ook heel best/beter.
het enige voordeel is dat de selectiviteit op hoge frequenties ook nog goed gemaakt kan worden. Dit is met een éénkringer zeer lastig, omdat je dan met een enorm hoge Q-factor aan de gang moet, wat erg instabiel is.
Handig aan en super is dat je in principe bijna elke gewenste banddoorlaatkarakteristiek kan bereiken die je wil. Met een éénkringer is er maar één mogelijkheid, die je alleen wat kan uitsmeren.
Op 9 december 2006 14:09:59 schreef rob007:
ik vind het jammer dat dit topic omlaag valt!
Daarom trek ik hem weer omhoog (hoop dat niemand dit erg vind?)
Nou, ik vond het een zeer lezenswaardig verhaal. Het heeft mij een hoop typewerk bespaart. Aan de ander kant kan ik me goed voorstellen dat het wel wat zware kost is.
Ontvang hier al jaren op een buizen zelfbouw dubbelsuper met continue variabele bandbreedte, die ik ergens in de jaren 80 in elkaar heb geknutseld. En ja hoor, onder andere geholpen door het Sterrenburg ontvanger-boek. Een beetje groot naar moderne maatstaven maar hij bevalt me nog steeds prima. Het voordeel hiervan is/was wel dat je je spoelen nog op een beetje normale manier zelf kon wikkelen, zonder al te veel gepriegel. De laatste paar jaar zijn er wel een paar halfgeleider (hulp)schakelingetjes bij ingebakken.