Zonder Fourier (en zijn analyse) te noemen zou je als volgt kunnen redeneren:
De flanken van de blok zouden verticaal geschreven moeten worden. Maar omdat de horizontale beweging van de straal constant is, zou hij daarvoor oneindig snel vertikaal moeten bewegen, wat natuurlijk niet kan.
De scoop kan de straal snel genoeg bewegen om sinussen tot 20 MHz aanvaarbaar af te beelden.
De flanken van de blokspanning zullen dus hooguit met een vergelijkbare steilheid worden afgebeeld.
Anoniem
Op 1 januari 2008 19:43:11 schreef rbeckers:
Ik wou het al simpel houden en Fourier in de kast laten.
Een blok met 1MHz als grondgolf en alleen oneven harmonischen is trouwens een hele mooie blok.
Een blokgolf bevat in principe alleen oneven harmonischen, het hangt er alleen vanaf hoeveel van die harmonischen met de juiste amplitude weergegeven kunnen worden om
een mooi plaatje te krijgen.
Laat ons even proberen op simpele wijze.
Een 10 MHz blokgolf op een 20MHz scoop. Wat zie je?
De eerste component is een sinus op 10MHz, de derde zit op 30 MHz en wordt selechts heel zwak weergegeven. Je ziet dus een heel licht vervormde sinus.
Een 5 MHz blokgolf dan. De 3e harmonische zit op 15 MHz. de 5e op 25MHz. Je ziet een vervormde sinus met een put in de toppen.
Je zult minstens een signaal met 5 harmonische componenten moeten kunnen weergeven om ietwat een net plaatje te krijgen wat bij benadering op een blokgolf trekt.
1MHz zal het hoogste nietsinusvormig signaal zijn die je een beetje getrouw kunt weergeven.
Een beetje teleurstellend niet? Een 20MHz scoop om 1MHz herkenbaar te kunnen weergeven.
Ik spreek dan nog niet van een perfecte weergave.
